Veranderen als denkhouding en de invloed van de Stoïcijnen

Hoe vaak horen we niet dat mensen wel willen veranderen maar niet veranderd willen worden? En: dat mensen best willen wel de toekomst in willen maar niet ‘het oude’ willen opgeven. Je zou kunnen zeggen dat mensen niet bereid zijn om offers te brengen. Als het onzekere te dichtbij komt, is de reflex terug te keren naar de veilige comfortzone. Veranderen moet blijkbaar niet al te veel pijn doen. Het is een opvatting of een mindset die op zijn minst aanvechtbaar is. Kenmerkend ervoor is dat angst optreedt als er iets verloren wordt. Het doet me denken aan mijn consultancytijd toen we een grote veranderklus moesten doorvoeren bij Philips. Mijn Franse collega had 180 PPT slides voorbereid maar bedacht zich op het laatste moment om die niet te presenteren. In plaats daarvan liet hij de deelnemers opstaan en in twee rijen tegenover elkaar staan. De ene rij mensen kreeg de opdracht om goed naar de persoon te kijken die tegenover hem stond in de andere rij. Daarna moesten zij zich omdraaien en kreeg de persoon uit de andere rij de taak iets aan zichzelf te veranderen. Vervolgens vroegen we wat er aan de persoon veranderd was en was het de beurt aan de andere rij mensen om te observeren wat er veranderd was. Dit deden we veertien rondes. Na een ronde of acht waren mensen door hun routines heen en begonnen ze in plaats van iets af te doen of iets uit te doen, iets erbij te doen (van een ander). Toen iedereen weer zat -en van de schrik bekomen was- vroeg mijn collega aan dit topmanagement wat zij onder ‘veranderen’ verstonden. Pas toen deze vraag werd gesteld ‘zagen’ de deelnemers het verband tussen de vraag en de voor hun ongemakkelijke werkvorm. Een van de deelnemers verwoordde het scherp en zei: In de eerste zeven, acht ronden hebben we veranderen opgevat als een routine. Veranderen was toen iets ‘kwijtraken’. Pas toen we gedwongen werden om uit onze routines te stappen, vatten we veranderen op als ‘je kunt er ook iets voor in de plaats krijgen’. Het was een indrukwekkende sessie, geleid door een collega die veel moed vertoonde en goed aanvoelde dat hij weinig zou opschieten met zenden, uitleggen op cognitief niveau.
Toch is op de een of andere manier veranderen in organisaties gekoppeld aan angst. Een angst om iets kwijt te raken: je baan, je kamer, je lease-auto, je status en je identiteit.
Op dit punt kunnen we veel leren van de Stoicijnen. Hun filosofie was er op gericht om geluk na te streven. Echter in de Nederlandse taal hebben we een totaal verkeerd beeld van deze stroming door het gezegde ‘Hij heeft een Stoïcijnse houding’, hetgeen onverschilligheid uitdrukt. Interessant aan de Stoicijnen is dat zij niet bang waren hun bezittingen te verliezen.
Angst maar ook verdriet zijn de risico’s van iets bezitten. Mirjam van Reijen schrijft in haar boek ‘Stoicijnse Levenskunst’ dat bezit alleen aangenaam is waar het mensen niet onrustig maakt. Daar slaat ze de spijker op zijn kop: de angst te verliezen wat we hebben opgebouwd, is datgene wat mensen verlamt. Maar die angst is een denkhouding, een mindset. Mensen zijn vaak onbewust onbekwaam, ze weten niet welke gedachten ze hebben en ook niet waarom ze veranderingen angstig tegemoet treden.  Vervelende gevoelens zijn een verkeerde denkhouding. Helpen bij veranderen, betekent dan dat mensen kritisch hun eigen denkhouding onder de loep nemen en zich bewust worden waarover ze angstig, blij of apathisch van worden.  

Peter de Roode